De eerste kastanjes liggen er half september, en twee weken later zijn ze op. Verzameld, verstopt in jaszakken, of vergeten in een emmer op het balkon. De regen begint dan pas.
Daarom staan hieronder twaalf ideeën voor herfst knutselen in twee smaken: dingen die je maakt van wat je buiten vindt, en dingen die je binnen doet als het al drie dagen achter elkaar giet. Gesorteerd per leeftijd, met de benodigdheden en de tijd per idee.
Herfst knutselen per leeftijd of seizoen
Zoek je meteen iets dat bij de leeftijd van je kind past? Spring direct naar de juiste verzameling:
- Per leeftijd: 4–6 jaar, 7–9 jaar en 10–12 jaar.
- Na de herfst: Sinterklaas knutselen en Kerst knutselen.
Of lees verder voor twaalf herfstknutsels, van eikeldopje tot knikkerbaan.
Herfst knutselen met kleuters (4 tot 6 jaar)
Kleuters willen vooral verzamelen. Het knutselen erna mag kort zijn — een kwartier tot een half uur is genoeg, zolang er iets uit komt dat op de vensterbank mag.
1. Een zoekkaart voor de herfstwandeling
Vouw een A4 twee keer dubbel en vouw hem weer open: je hebt zes vakjes. Teken in elk vakje iets om te zoeken — een eikel, een kastanje, een geel blad, een dennenappel, een veertje, een plukje mos.
Geef je kind een potlood om af te vinken. Tien minuten tekenen, en de wandeling erna duurt vanzelf twee keer zo lang. Neem een stoffen tas mee in plaats van een plastic zak: natte bladeren scheuren er zo doorheen.
2. Een egeltje van een dennenappel
Een opengewaaierde dennenappel is al bijna een egel. Rol een bolletje klei ter grootte van een knikker, druk het als snuit op de smalle kant en knijp er een puntje aan.
Twee zwarte kraaltjes of stipjes verf als ogen, een klein zwart neusje erop. Laat de klei een nacht drogen voor je hem verplaatst. Een kwartier werk.
3. Paddenstoelen van eikeldopjes
Verzamel eikeldopjes — de kommetjes waar de eikel in zat. Verf de bolle kant rood en zet er met een wattenstaafje witte stippen op.
Rol van klei een steeltje van twee centimeter en druk het dopje erop. Zet drie of vier paddenstoeltjes op een plat stuk schors met wat mos ertussen: een herfsttafereel dat een maand meegaat. Een half uur, plus droogtijd.
4. Als het regent: een houten pakket zonder hamer
Voor kleuters zijn er twee pakketten die zonder timmeren in elkaar gaan. De Komische Clown heeft een koprol-mechaniek: geef de clown een tikje en hij rolt vanzelf over de brug, alleen door zijn zwaartepunt en de zwaartekracht. Het Schommelend Schip werkt met een houten stokje door de romp — heen en weer schuiven, en het schip schommelt over de golven.
Zo gaat het: onderdelen uit het plankje drukken, randjes glad schuren, in elkaar klikken volgens de handleiding, en daarna schilderen. Reken op 30 tot 60 minuten. Meer voor deze leeftijd staat bij knutselen voor 4 tot 6 jaar.
Herfst knutselen voor groep 3 tot 5 (6 tot 9 jaar)
Vanaf een jaar of zes lukt fijner werk: rijgen, weven, een week wachten op iets dat droogt. Deze vier leveren allemaal iets op dat daarna nog een functie heeft.
5. Bladeren persen en er een placemat van maken
Zoek platte, droge bladeren — natte bladeren gaan schimmelen. Leg ze los van elkaar tussen twee vellen keukenpapier, schuif het geheel in een dik boek en zet er nog drie boeken bovenop.
Na een week zijn ze plat en papierdroog. Leg de bladeren dan in een patroon op een vel gekleurd papier en laat het lamineren, of plak er brede plakband overheen. Een placemat die de hele winter meegaat. Twintig minuten werk, verdeeld over een week.
6. Een vogelvoerslinger rijgen
Rijg met een stompe naald en stevig garen ongezouten pinda's in de dop aan een draad, afgewisseld met stukjes appel en rozijnen. Maak aan beide uiteinden een lus.
Hang de slinger in een struik die je vanuit het raam kunt zien. Vanaf oktober, als er buiten minder te vinden is, komen de mezen erop af. Een half uur rijgen, weken kijkplezier.
7. Een spinnenweb weven op een tak
Zoek een tak met een vork erin, een Y-vorm van ongeveer 30 centimeter. Knoop een eind wol vast aan één punt, span het naar de overkant, om de tak heen en weer terug — net zo lang tot je een web van gespannen draden hebt.
Weef daarna met een tweede kleur wol om en om door die draden: over, onder, over, onder. Hoe verder je komt, hoe meer het op een echt web lijkt. Drie kwartier, en precies goed voor de fijne motoriek op deze leeftijd.
8. Als het regent: een pakket met een draaiend of schuivend deel
Op deze leeftijd is een pakket met een mechaniek erin het interessantst — iets waarbij je na het bouwen ziet wat je gemaakt hebt. Bij Beeldige Ballerina zit een tandwiel-mechaniek: draai aan de hendel onderaan en de ballerina tolt rond, zonder batterijen. Schuivende Schijven is een schuifspel met een gleuf in het midden: geef een schijf een zetje met het elastiek en hij glijdt vanzelf naar de overkant. Speel het als wedstrijd — wie het eerst al zijn schijven aan de andere kant heeft, wint.
Zo gaat het: onderdelen glad schuren, met spijkertjes en een lichte kinderhamer in elkaar timmeren, en daarna schilderen. Reken op 60 tot 120 minuten, ongeveer half om half tussen bouwen en schilderen. De hamer zit niet in het pakket. Meer voor deze leeftijd staat bij knutselen voor 7 tot 9 jaar.
Herfst knutselen voor 9 tot 12 jaar
Op deze leeftijd is "leuk knutselen" al snel kinderachtig. Wat wél werkt: iets bouwen dat een probleem oplost, of dat je kunt testen en daarna bijstellen.
9. Een regenmeter van een petfles
Snijd een petfles van anderhalve liter net onder de schuine schouder door. Zet het bovenstuk omgekeerd als trechter in het onderstuk — de trechter vangt precies zoveel regen als de fles breed is.
Plak een strook papier op de zijkant met streepjes om de centimeter, of zet ze erop met watervaste stift en een liniaal. Zet de fles op een open plek in de tuin, uit de wind, en noteer een maand lang elke ochtend de stand. In een gemiddelde Nederlandse oktober komt daar zo'n 80 millimeter uit. Twintig minuten bouwen, een maand meten.
10. Een windwijzer die echt wijst
Knip uit stevig karton een pijl van twintig centimeter: een kleine smalle punt aan de ene kant, een grote brede staart aan de andere. Dat verschil is het hele geheim — de wind moet aan de staart meer te duwen hebben dan aan de punt.
Zoek de balanslijn op een derde vanaf de punt en prik daar twee gaatjes onder elkaar, één bij de bovenrand en één bij de onderrand. Rijg een satéprikker door beide gaatjes, zodat de pijl rechtop staat en vrij om de prikker kan draaien. Zet de prikker stevig rechtop in een bloempot met zand. Nu staat de grote staart als een verticaal vlak in de wind: de wind duwt hem opzij, en de punt draait vanzelf naar de kant waar de wind vandaan komt. Draait de pijl niet mee? Maak de gaatjes iets ruimer of de staart wat breder, en test met een föhn. Een half uur.
11. Een kastanjebaan van karton
Snijd uit een kartonnen doos stroken van acht centimeter breed. Vouw elke strook over de lengte in drieën, zodat je een goot met opstaande randen krijgt.
Plak de goten met tape schuin aflopend tegen een kastdeur, de ene onder de andere, zodat een kastanje van goot naar goot rolt. Test na elke goot: rolt hij eraf, maak de helling flauwer; blijft hij steken, iets steiler. Onderaan een schoenendoos als opvangbak. Een uur bouwen en daarna eindeloos bijstellen.
12. Als het drie dagen regent: een houten spel bouwen
Wie de kartonnen baan te wiebelig vindt, bouwt de houten versie. Bij GatenGekte stuur je de knikker met twee touwtjes omhoog en naar links of rechts over een baan vol gaten — één verkeerde beweging en hij zakt erdoorheen. Pittig Parcours kantel je om een as, omhoog en omlaag, tot de knikker precies langs de obstakels rolt. En Sjezend Sjoelen heeft een elastiek aan de kop van de baan: schijf plaatsen, elastiek opspannen, loslaten — en de schijf schiet naar de scoorvakjes.
Zo gaat het: onderdelen schuren, met spijkertjes en een lichte kinderhamer in elkaar timmeren, en daarna schilderen in eigen kleuren. Reken op 60 tot 120 minuten. Een hamer zit niet in het pakket, die bestel je los mee. Bekijk de opties bij knutselen voor 10 tot 12 jaar.
Alle houten pakketten op een rij? Bekijk de hele collectie knutselpakketten.
Herfstvakantie: zo verdeel je een week
De herfstvakantie valt in oktober en verschilt een week per regio. Wat in de praktijk werkt, is niet één groot plan maar een verdeling tussen buiten en binnen — want het weer beslist toch mee.
Bewaar de verzamel-ideeën voor de droge ochtenden: de zoekkaart (idee 1), bladeren zoeken om te persen (idee 5) en de vogelvoerslinger ophangen (idee 6). Dat zijn de dingen waarvoor je naar buiten moet.
Houd de langere projecten achter de hand voor de natte dagen. De kastanjebaan (idee 11) en een houten pakket (idee 4 of 12) vullen allebei een hele middag, en aan het eind ligt er iets waarmee de rest van de week gespeeld wordt.
Voor een groep tegelijk — op de BSO of op een knutselfeestje — werkt hetzelfde principe: één activiteit die iedereen tegelijk kan doen, en genoeg materiaal zodat niemand hoeft te wachten.
Wat er na de herfst nog van over is
Dat is de eerlijke test voor een herfstknutsel. Veel van wat je in oktober maakt, is met kerst weg: de eikeldop-paddenstoelen drogen uit, de geperste bladeren verkleuren, de vogelslinger is leeggepikt.
Dat hoeft niet erg te zijn — een middag samen knutselen is de moeite al waard, ook als het resultaat niet blijft. Maar wil je iets dat de winter doorkomt, kies dan het spel. Een sjoelbak, een knikkerbaan of een balanceer-parcours van hout gaat na het bouwen gewoon door als speelgoed, en ligt er met kerst nog net zo goed bij. Van alle ideeën hierboven zijn dat de knutsels met het langste leven.
Kies er twee of drie uit — twaalf in één herfst hoeft niet. Eentje om buiten te verzamelen, eentje voor de eerste regendag, en eentje dat blijft.
0 reacties